Fiep
8 juni 2009, 11:39
Ik ben een vrouw van eenenveertig en ik heb op dit moment drie katten geadopteerd.
De eerste was Lotje. Verstoten door mama is ze hier op de leeftijd van vier weken aangekomen. Enkele weekjes de fles gegeven en daarna is ze uitgegroeid tot een prachtige tijgerpoes. Ze is ziedend op de dierenarts, een wilde kat is er niks tegen. Moet een familietrekje zijn want haar broer, die door de dierenarts geadopteerd is, vertoont hetzelfde gedrag als hij zijn inenting moet krijgen. Lotje is heel aanhankelijk aan mensen en honden maar andere katten moeten afstand houden. Ze heeft haar humeurtjes. Soms kan ze alles verdragen en is ze lief en aanhalig, andere dagen wil ze niks of niemand zien.
Liesl was het kleinste poesje van drie dat ik in de tuin gevonden heb. De moeder lag dood op straat. Amper drie weken oud. Met de fles grootgebracht maar Liesl kreeg epilepsie aanvallen. Ze heeft er een eigenaardige manier van eten aan overgehouden, maar voor de rest is ze okee. Nadat ze vast voedsel begon te eten zijn de epilepsie aanvallen gestopt. Ze is langharig en ook al heb ik het haar van in het vroege begin gewoon laten worden, ze kan geen kam of borstel zien. Mijn rustig en lief boskatje veranderd dan in een grommende en briesende tijger. Als kitten was ze vies van zand. Het heeft lang geduurd eer ze eindelijk een stapje in de wereld durfde te zetten.
Het jaar daarop vond mijn vriendin een nestje van drie kittens in haar garage. De moeder was een wilde kat en ze wilde ze daar weg. Alweer heb ik dat nestje met de fles groot gebracht en de kleinste kater hebben we gehouden. Enrique is hij gedoopt maar zijn roepnaam is Kleine. Hij is de prins. En zo gedraagt hij zich. Wordt in de watten gelegd door zijn poezenzussen, de honden en ons. Bij het minste kreetje wordt hij bedient en hij verwacht niet anders. Zijn favoriete plek is boven op het dak van het tuinschuurtje, waar hij een prachtig uitzicht heeft over de hele tuin. Als ik in de tuin kom verwaardigd hij zich om even van zijn troon te komen. Koninklijk schrijdt hij langs een oude ladder die tegen het schuurtje staat, naar beneden en eist een knuffel.
De eerste was Lotje. Verstoten door mama is ze hier op de leeftijd van vier weken aangekomen. Enkele weekjes de fles gegeven en daarna is ze uitgegroeid tot een prachtige tijgerpoes. Ze is ziedend op de dierenarts, een wilde kat is er niks tegen. Moet een familietrekje zijn want haar broer, die door de dierenarts geadopteerd is, vertoont hetzelfde gedrag als hij zijn inenting moet krijgen. Lotje is heel aanhankelijk aan mensen en honden maar andere katten moeten afstand houden. Ze heeft haar humeurtjes. Soms kan ze alles verdragen en is ze lief en aanhalig, andere dagen wil ze niks of niemand zien.
Liesl was het kleinste poesje van drie dat ik in de tuin gevonden heb. De moeder lag dood op straat. Amper drie weken oud. Met de fles grootgebracht maar Liesl kreeg epilepsie aanvallen. Ze heeft er een eigenaardige manier van eten aan overgehouden, maar voor de rest is ze okee. Nadat ze vast voedsel begon te eten zijn de epilepsie aanvallen gestopt. Ze is langharig en ook al heb ik het haar van in het vroege begin gewoon laten worden, ze kan geen kam of borstel zien. Mijn rustig en lief boskatje veranderd dan in een grommende en briesende tijger. Als kitten was ze vies van zand. Het heeft lang geduurd eer ze eindelijk een stapje in de wereld durfde te zetten.
Het jaar daarop vond mijn vriendin een nestje van drie kittens in haar garage. De moeder was een wilde kat en ze wilde ze daar weg. Alweer heb ik dat nestje met de fles groot gebracht en de kleinste kater hebben we gehouden. Enrique is hij gedoopt maar zijn roepnaam is Kleine. Hij is de prins. En zo gedraagt hij zich. Wordt in de watten gelegd door zijn poezenzussen, de honden en ons. Bij het minste kreetje wordt hij bedient en hij verwacht niet anders. Zijn favoriete plek is boven op het dak van het tuinschuurtje, waar hij een prachtig uitzicht heeft over de hele tuin. Als ik in de tuin kom verwaardigd hij zich om even van zijn troon te komen. Koninklijk schrijdt hij langs een oude ladder die tegen het schuurtje staat, naar beneden en eist een knuffel.